Revue Belge de Numismatique Et de Sigillographie Volume 51 PDF

Gallia Belgica na 90, toen de voorheen tot Gallia Belgica behorende provincies Germania Inferior en Germania Superior ervan los gemaakt waren. Gallia Belgica was volgens Julius Caesar het noordelijke deel revue Belge de Numismatique Et de Sigillographie Volume 51 PDF Gallië, waar de Belgen woonden. Gallia werd aanvankelijk als één geheel geregeerd. Augustus bezocht Gallia in 27 v.


Caesar bepaalde de grenzen van Gallia Belgica als de Noordzee, de Nederrijn, de Ardennen en de Seine. Ten tijde van Caesars verovering in 57 v. Belgae ingedeeld in drie grotere gehelen. In het zuidwesten bevond zich de streek waarnaar Caesar als Gallia Belgica verwees, en waar de Ambiani, de Caleti, de Veliocasses en de Bellovaci leefden. Het gebied langs de Rijn werd niet bestuurd door de provinciegouverneur van Gallia Belgica, maar stond onder directe controle van het leger. De grenzen van Gallia Belgica veranderden dus in de loop van de Romeinse tijd. Wightman stelt dat Gallia Belgica uit verschillende gebieden bestond, die nooit een natuurlijke eenheid vormden, noch op geografisch, noch op politiek niveau.

De Romeinen en hun administratieve apparaat zorgden ten hoogste voor een kunstmatige eenheid, die van bovenaf werd opgelegd. Het bestuur van Gallia Belgica stond onder leiding van een provinciegouverneur met de rang van praetor. Gallia Belgica, Germania Inferior en Germania Superior onder hetzelfde ressort. De civitas, gevestigd in een betrouwbare oppidum, was het orgaan van de administratie op het lokale niveau, en het bestuur hiervan was verantwoordelijk voor het uitvoeren van de wet, het handhaven van de orde, en het regelen van de financiën. Gallia Belgica interesseerde de Romeinse geschiedschrijvers enkel wanneer rebellie of invasies militaire tussenkomst noodzaakten. Na Caesars campagne en diens verslaggeving daarvan volgde er een periode waarin informatie slechts met tussenpozen beschikbaar is.

Als gevolg van de ligging van Gallia Belgica nabij de Rijngrens werd deze provincie, meer dan de andere Gallische provincies bij gelegenheid door oorlogshandelingen getroffen. Belgae en het landschap, of geven ze ons een aantal triviale weetjes. Na Tacitus volgde opnieuw een periode waarin Gallia Belgica minder interesse wekte bij de Romeinse historiografen. Tijdens de Flavische dynastie en het bewind van Trajanus, Hadrianus en Antoninus Pius kende Gallia Belgica een periode van aanzienlijke bouwactiviteit, zowel in de steden als op het platteland. Grote boerderijen in de buurt van Doornik werden rond deze tijd verlaten. Afgezien van de hierboven beschreven gebeurtenissen van de vroege jaren 170 kende Gallia Belgica in de tweede eeuw echter een relatief vredige tijd van vooruitgang. Romeinse burgerschap aan bijna alle inwoners van het Romeinse Rijk.

In de loop van de derde eeuw onderging Gallia Belgica een aantal aan elkaar gerelateerde veranderingen. De druk van met name de Franken op de noordgrens van het Romeinse Rijk nam geleidelijk steeds meer toe. Aan het einde van de derde eeuw hadden Diocletianus’ hervormingen als gevolg dat Gallia Belgica voortaan uit twee provincies bestond: Belgica Prima en Belgica Secunda, elk geregeerd door een ridderlijke praesens. Het oosten en zuiden van Gallia Belgica, speciaal de vlak buiten Gallia Belgica liggende Moezelvallei maakte in de vierde eeuw juist een bloeiperiode door.

Een grote en met terugwerkende kracht geredeneerd misschien wel beslissende verandering kwam na de invallen van een aantal Germaanse en Iraanse stammen. Een bondgenootschap van Vandalen, Alanen en Sueben stak op 31 december 406 de bevroren Rijn over. Gallia Belgica werd op uitgebreide schaal geplunderd. Voorstelling van de Lage Landen als Leo Belgicus door Claes Janszoon Visscher, 1609. Alhoewel de naam « Belgica » nu voor het koninkrijk België is voorbehouden, verwees deze benaming voor de 16de-eeuwse splitsing van de Lage Landen naar het hele gebied van de Lage Landen inclusief het noorden. In een Belgisch Latijn-Frans woordenboek uitgegeven in Brussel in 1826 door P. Gaandeweg werd de naam ook in het Frans gebruikt om de Nederlanden aan te duiden en dan meer bepaald de Zuidelijke die van de Noordelijke gescheiden waren, omdat er in de Noordelijke geen Franstalige gebieden bestonden.

Aldus ontstond de moderne naam België. Bijvoorbeeld de kaart « Belgium Foederatum » van Matthaeus Seutter, uit 1745, waarop het huidige Nederland staat. Zürich en Stuttgart, Artemis Verlag, 1965, 3524 kol. Het lemma over Gallia Belgica is te vinden in kol.